
Vonnis verwacht tegen Syrische grootmoefte Hassoun
De Damascener rechtbank doet maandag uitspraak in de zaak tegen Ahmad Badreddin Hassoun, de voormalige grootmoefte van Syrië. Het openbaar ministerie eist de doodstraf voor de 75-jarige religieuze leider, die verantwoordelijk wordt gehouden voor onder meer het steunen van het regime-Assad en het aanmoedigen van geweld tegen tegenstanders.
Rol onder Assad
Hassoun diende van 2005 tot 2021 als grootmoefte van Syrië. In die functie werd hij bekend als aanhanger van het autoritaire regime en gebruikte hij heftige retoriek tegen critici. Tijdens het burgeroorlog steunde hij openlijk de regering en verdedigde hij militaire operaties. Na de val van het bewind in december 2024 dook hij onder, maar werd hij in maart 2025 opgepakt op het vliegveld van Damascus toen hij naar Amman probeerde te vliegen.
Aanklachten
De aanklagen tegen Hassoun zijn uitgebreid. Hij wordt beschuldigd van het aanzetten tot geweld, het verlenen van religieuze legitimatie aan het regime en het steunen van geallieerde militie's. Volgens Amnesty International keurde hij tussen 2012 en 2017 naar eigen zeggen ongeveer 13.000 executies goed in de gevangenis van Sednaya.
In sermons zou Hassoun het Syrische leger tot steun voor het regime hebben aangespoord en gedreigd hebben tegen burgers in oppositiegebieden. Ook prees hij Iraanse en Russische militaire inmenging en roemde hij de Iraanse commandant Qassem Soleimani.
Voorgaande vonnissen
De zaak tegen Hassoun volgt op andere rechtszaken tegen voormalige Assad-medewerkers. Bashar al-Assad zelf, zijn broer Maher en neefs Wassim en Atef Najib kregen allen doodsvonnissen. Zij werden in afwezigheid veroordeeld, nadat zij naar Rusland waren gevlucht.