
Drones maken oorlog Sudan steeds dodelijker voor burgers
Onbemande vliegtuigen zijn uitgegroeid tot een belangrijk wapen in de Sudanese burgeroorlog. De Verenigde Naties registreerde in de eerste vier maanden van dit jaar 880 doden door droneaanvallen. Voor beide strijdende partijen zijn de toestellen inmiddels essentieel geworden.
De afgelopen week werden inwoners van Khartoem opnieuw gewaarschuwd voor het gevaar. Een droneaanval trof een moskee in Khartoem-Noord, waardoor ook de elektriciteitsvoorziening van de wijk werd beschadigd. Noureddine Mohamed lag te slapen op het dak van zijn huis toen de aanval plaatsvond. "Het geluid was oorverdovend," zei hij. "De drone raakte onze moskee en ook de transformator."
Miljarden aan slachtoffers
Onderzoekers van het conflict-analysebedrijf ACLED telden in drie jaar tijd minstens 15.000 doden door lucht- en droneaanvallen. Het leger voert meer aanvallen uit, maar de paramilitaire RSF-groep veroorzaakt meer burgerslachtoffers. Volgens ACLED vonden zo'n 2.500 lucht- en droneaanvallen plaats.
Infrastructuur onder vuur
Naast militaire doelen raken de toestellen ook ziekenhuizen, scholen, waterinstallaties en elektriciteitscentrales. Dit gebeurt opzettelijk: beide partijen proberen gebieden onder vijandelijke controle te verzwakken. De gevolgen zijn groot voor de burgerbevolking.
In de stad El Obeid, waar een half miljoen mensen woont, waarschuwen hulporganisaties voor een crisissituatie. Vrouwen en meisjes gaan 's nachts water halen omdat ze overdag bang zijn voor aanvallen. Dit brengt andere risico's met zich mee: volgens VN-waarnemers worden zij lastiggevallen en blootgesteld aan seksueel geweld.
Buitenlandse wapens
De droneoorlog wordt mogelijk gemaakt door steun van buiten. De RSF gebruikt vooral Chinese drones via de Verenigde Arabische Emiraten, terwijl het Sudanese leger gebruikmaakt van Turkse Bayraktar-drones en eerder Iraanse toestellen. Zolang landen wapens blijven leveren, waarschuwen onderzoekers, zal het conflict doorgaan en burgers overal in gevaar blijven.